Met deze warmte ben ik tegenwoordig zo lui dat ik de afstandsbediening al roep in plaats van hem te pakken. Vroeger liep je nog fluitend naar de kroeg, tegenwoordig kijk ik eerst of er onderweg wel genoeg schaduw is.
De stappenteller op mijn telefoon vroeg vanmorgen zelfs of alles nog wel goed met me ging. Ik heb hem uitgelegd dat ik niet lui ben, maar gewoon zuinig op mijn energie. Bij vierendertig graden ga je niet wandelen, dan ga je zitten, zweten en vooral verstandig knikken als iemand zegt: “Het is warm hè?”
Maar ja ook nu, terwijl de mussen met een zonnebril op van het dak vallen, gaat het gewone leven gewoon door. Je kunt wel zeggen: “Ik blijf binnen met een ventilator op standje tornado”, maar de boodschappen moeten toch gedaan worden. Terwijl ik over het hete asfalt loop, wordt iedere stap zwaarder en langzamer. Ik kijk even achterom en zie dat ik bij iedere stap in het gesmolten wegdek een voetstap achterlaat. Kan ik straks ook nog nieuwe schoenen kopen. Klagen kunnen wij Nederlandsers wel, maar wees blij dat het nu niet sneeuwt. Anders moest je nu ook nog sneeuw ruimen in deze hitte.
Coen
